vrijdag 31 oktober 2008

Trends in e-learning

Betreffende e-learning zijn er een aantal trends aan de gang. Een van deze trends zal ik hieronder toelichten. Voor de overige trends verwijs ik naar websites waar je meer kunt lezen.

Hier vind je meer trends en hier vind je er ook een paar.

Trend E-learning second life
Second Life is een 3D virtuele wereld waarin mensen hun uiterlijk en uitgaansleven virtueel kunnen beleven. Hieronder valt je eigen uiterlijk bepalen en virtueel geld uitgeven, dingen kopen, verkopen en ruilen met andere inwoners. Je kunt hier virtueel je eigen huis en bedrijf beginnen. Second Life heeft zelf ze eigen dollar De Linden™ dollar.

Second Life ontmoetingsplaats
In Second Life kunnen mensen elkaar virtueel ontmoeten. Voor ernstig zieken is er
in Second Life een speciaal eiland ingericht. Als je bent geregistreedt op Second Life
is het gemakkelijk om iemand te gaan ontmoeten. Je moet zoeken naar een Avatars
met dezelfde interesses als jij om te zorgen dat het klikt. Met een druk op de knop wordt
je een vriend en kan je iemand aan je contactlijst toevoegen. Het is gemakkelijk om tot een
groep te gaan behoren. Het e-learning van Second Life is dat als je meer te weten wilt komen over andere en gelegenheden dan druk je in de Map op de de groene stip. Als je meer wilt weten over een bijzondere gelegenheid moet je in de search map hiernaar zoeken en dan krijg je een beschrijving. Bij andere Avaters kan je klikken en kiezen voor Vieuw Profile om meer over deze personen te weten te komen.

Second life heeft een aantal voordelen; je kunt er vrienden ontmoeten en contacten op kan bouwen. Verder kan je dingen uitwisselen met deze vrienden. Als laatste kan je naar nieuwe plekken gaan die je nog niet kent. Second Life heeft ook nog interessante aspecten. Je kunt in Second Life er geheel anders uitzien dan je er normaal uitziet. Daarnaast is Second Life een goede invulling van tijd die anders verloren gaat. Eigenlijk vind ik de voordelen van Second Life niet heel erg er uitspringen. Echt veel leren doe je namelijk niet op Second Life. Het is meer te vergelijken met een game waar je ook veel tijd aan besteed. Je bouwt er misschien kenissen mee op en teleporteert jezelf naar gelegenheden en daar is dan ook alles mee gezegt. Maar echt leren is niet te besteden aan het virtuele Second Life. Je leert hier niet iets nieuws!

donderdag 30 oktober 2008

Mindmappen

Toen we het in de les psychologie over mindmappen hadden besloot ik om voor mijn blog wat meer over dit fenomeen te weten te komen.
Mindmappen bestaat al tientallen jaren, het principe is dan ook simpel.
De meeste mensen maken bepaalde aantekeningen, en doen dat zo dat ze heel veel tekst allemaal onder elkaar zetten. Als je dit later overleest is het moeilijk om in je hoofd te krijgen. Met mindmappen daarentegen is dat veel makkelijker want je maakt een schematisch concept met veel kleuren, plaatjes en steekwoorden zoals je hier ziet. Wetenschappelijk is bewezen dat je dit makkelijker in je hoofd krijgt dan wanneer je alles opschrijft.

Vroeger was het echter veel werk om alles te tekenen en te arceren. Nu kun je een bestandje downloaden en dan kan je het allemaal op de computer doen, handig en supermakkelijk. Er zijn dan ook veel voordelen aan mindmappen: je kan alles overzichtelijk maken, het staat vrolijker doordat je gebruik maakt van plaatjes en je kan het allemaal goed overzien. Natuurlijk zijn er ook wat nadelen aan mindmappen: het duurt redelijk lang en je kunt worden afgeleid door de plaatjes of kleurtjes.

Het gebruik van mindmapping is nog heel vrijblijvend. Er zijn slechts enkelen die het doen, de meesten houden het op ouderwets aantekeningen maken. Wel wordt mindmappen steeds meer gestimuleerd op de middelbare scholen. Scholieren krijgen uitleg en les in mindmapping zodat ze dat zelf goed kunnen gaan gebruiken. Dit heeft al enkele positieve resultaten opgeleverd. Helaas zijn nog niet alle scholen zover, zij willen of kunnen dit fenomeen niet introduceren aan de leerlingen. Dus ik denk dat het een goede stap zal zijn om alle scholen te verplichten om jongeren in aanraking te laten komen met mindmapping en daar uitleg van te geven, zodat de leerlingen dat ook voor zichzelf kunnen gebruiken. Succes lijkt verzekerd.

woensdag 29 oktober 2008

E-learning voor dummies

Het E-mailen kennen we eigenlijk allemaal. Helaas geldt dit niet voor E-learning, vandaar dat ik mijn blog deze week over E-learning schrijf.Een eenduidige omschrijving van het begrip E-learning bestaat helaas niet. Om het toch dicht bij mezelf te houden, gebruik ik als voorbeeld een ELO, die we binnen mijn opleiding gebruiken. ELO staat voor een Elektronische Leer Omgeving. Een omschrijving van een ELO kan bijvoorbeeld zijn; De ELO is een sociaal systeem, waarbij ICT middelen worden gebruikt.

Je kunt een ELO dus omschrijven als een digitaal klaslokaal. Wij, de studenten, kunnen onze gemaakte opdrachten op ‘surfgroepen' (onze ELO) zetten, zodat we er ideeën over kunnen uitwisselen. Onze docenten kunnen dit dus ook inzien. Maar het werkt ook andersom. Een docent kan belangrijke mededelingen online zetten, waardoor hij niet elke student apart een e-mail hoeft te sturen. Het bespaart dus enorm veel tijd, omdat niemand meer tegelijk op een locatie aanwezig hoeft te zijn.

Helaas werd E-learning door het merendeel van de mensen nog niet echt opgepakt. De reden daarvoor was, dat men nog niet precies wist wanneer het nuttig was om bijvoorbeeld een ELO te gebruiken. Langzamerhand komt daar verandering in en gebruiken meer en meer organisaties E-learning als ICT hulpmiddel.
E-learning, ik ben E-rvoor!

dinsdag 21 oktober 2008

Nooit meer spijt van gestuurde mailtjes?


Stel je eens voor, je moet een verslag voor school maken. Niet zomaar een verslag, maar een groot en belangrijk verslag. Je hebt hem net voor de 4e keer ingeleverd, want de vorige 3 keer werd het afgekeurd. Vrijdagmiddag krijg je een mailtje van je leraar dat hij wéér is afgekeurd. ’s Avonds als je met vrienden bij elkaar zit heb je het er nog maar weer eens over. Dat het toch echt niet aan jou ligt maar aan die stomme leraar, het is allemaal zijn schuld. Je drinkt een biertje, drinkt er nog een en tegen de tijd dat je thuis bent ben je aangeschoten en nog steeds boos. Je zal hem wel eens even vertellen hoe je erover denkt! Via e-mail.

Gelukkig hebben we daar dan toch Google, want Google heeft weer eens iets nieuws bedacht. Mail Goggles hebben ze het genoemd, een nieuwe functie die je kunt instellen op je gmail account. Als je deze functie inschakelt kun je als gebruiker bepaalde data en tijden instellen waarop je mogelijk wel eens in de fout zou kunnen gaan wat mailen betreft, vrijdagnacht bijvoorbeeld. Als je je mail wilt versturen krijg je een schermpje in beeld, ‘do you really want to send this message?’ waarna je een 5tal vragen in moet vullen, die onmogelijk in te vullen zijn als je (teveel) gedronken hebt.

Het is nog wel de vraag of het echt gaat werken, teleurstellingen verwerken met drank zie je van te voren natuurlijk niet aankomen. En niet elke teleurstelling wordt verwerkt met drank. En niet elk mailtje waar je later spijt van krijgt wordt gestuurd vanwege alcohol. Het is een stap in de goede richting maar niet waterdicht. Wanneer komt de functie die ervoor zorgt dat je geen mailtjes kunt sturen in blinde woede?

Mens vs. Technologie


Het was wat vroeger. De Tour de France. Met zijn allen harkend de berg op. Met een simpele fiets, en een paar versnellingen. Dat was het. Had je een lekke band, dan verloor je minuten. Het waren echte uitputtingsslagen. Meer verliezen dan een kwartier was geen uitzondering. En de Tour was bovenal een gevecht van man tegen man. Neem de Tour van 50 jaar geleden. Ene Luxemburger Charly Gaul, wint de Tour van 1958. Hij verliest in één etappe 12 minuten. Niemand geeft hem meer een kans. Maar in de 21e etappe pakt hij 11 minuten terug. En in de laatste tijdrit wint hij, en daardoor is hij de winnaar van de Tour. Prachtige prestatie.

Maar dan zijn in we in 2008. Carlos Sastre wint de enigszins saaie Tour met 58 seconden verschil op Cadel Evans. Ook een knappe prestatie. Maar hoe anders zijn de omstandigheden anno 2008. Het wielrennen is een soort technologie geworden. Elk risico moet worden uitgebannen. Het draait niet meer om de wielrenner maar om de nieuwe ontwikkelingen en het randgebeuren. Fietsen worden steeds duurder, en ieder zichzelf respecterende professionele wielrenner heeft meerdere fietsen. Bijvoorbeeld de nummer 2 in de Tour, Evans, reed rond met een fiets genaamd "Dean". Deze ultramoderne fiets had een waarde van 1.000.000 euro. Evans had maanden getraind met 'zijn' Dean in windtunnels, en er was berekend, als hij deze fiets een jaar eerder had, dat hij de Tour van 2007 had gewonnen. Prachtig allemaal. Maar helaas voor Evans, hij wint de Tour weer niet. 1.000.000 weggegooid geld. Toch maar weer een andere fiets gebruiken, want het lag aan de fiets natuurlijk.

Dit is slechts één voorbeeld van de toekomst met technologie. Bijvoorbeeld bij het schaatsen hebben we ook elk jaar een nieuw schaatspak dat zogenaamd wéér sneller is dan zijn voorganger. En niet alleen in de sport is dat zo. Heel veel dingen kunnen al worden vervangen door de techniek. We zitten in een fase dat de techniek de mens voorbij streeft. En ik hoop echt dat de menselijke kant niet verwaarloosd wordt, en dat de techniek niet het belangrijkste wordt. De techniek moet in dienst staan van de mens, en niet andersom. Ik moet er toch niet aan denken dat mijn kleinkinderen in het jaar 2100 zitten te kijken naar de Tour de France, waarin de nummer 1, met 1 seconde voorsprong op de nummer 2, de Tour wint, omdat de nummer 2 zijn aerodynamische ritssluiting in etappe 18 2 cm verder naar beneden heeft, waardoor de lucht niet voldoende rond zijn lichaam circuleert, en hij 1 seconde later dan de nummer 1 de finish passeert, en de Tour uiteindelijk verliest. Nee, dan nog liever een tour vol doping.


maandag 20 oktober 2008

I, Mens versie 2.0


Geen antibiotica bij blaasproblemen maar een nieuwe blaas. Klinkt nogal science fiction-achtig of niet? Maar volgens Dr Michio Kaku zal dit snel werkelijkheid worden. Denk maar aan al die andere technologische snufjes die we al gebruiken: de pacemaker (voor hart- én parkinsonpatiënten), elektroden in het oor voor dove mensen, microchips in de ogen voor blinde mensen en ga zo maar door. Inmiddels wordt technologie volop gebruikt om onderdelen die niet meer werken in ons lichaam te vervangen. Maar hoe ver gaan we?

Er valt veel te zeggen over techniek in de mens. Maar eigenlijk is het een logische stap in onze evolutie, of misschien beter gezegd: revolutie. De mens beleeft zijn snelste (r)evolutie dan ooit. Waren we 10.000 jaar geleden nog jagers, of zoals het tijdschrift Wetenschap in Beeld het noemt, versie 1.0, nu zijn we inmiddels carrièremensen. We hoeven niet meer te jagen voor ons eten en door het gebruik van de auto, trein of vliegtuig kunnen we de wereld rond binnen een dag. Met andere woorden: De Mens, versie 2.0. En daarbij hoort natuurlijk ook een langer en gezonder leven. Ideeën maar vooral hoop is er zeker. Want het zou toch geweldig zijn als we elk deel van ons lichaam kunnen vervangen zonder op een wachtlijst te hoeven staan. Zo is er hoop voor longpatiënten. Helaas stamt het artikel uit 2002 en is de kunstmatige long nog steeds niet op de markt. De vraag is dan ook of we de techniek echt voor alles kunnen gaan gebruiken in ons lichaam. Natuurlijk zijn er al successen, maar daar moet toch een keer een eind aan komen?

Ik ben voor technologie in de mens. Maar toch heb ik mijn twijfels. Want als we toch alles kunnen vervangen in ons lichaam, dan kunnen we ongezonder gaan leven. Dan kan een alcoholist zeggen: ‘ik stop niet met drinken vanwege m’n gezondheid. Als mijn lever kapot is, dan maken artsen gewoon een nieuwe voor me.’ Dit is natuurlijk geen excuus om te drinken (of roken bijvoorbeeld), maar het zal zeker gebruikt worden. Overigens zou ik het zelf een heel raar en eng idee vinden als ik een kunstmatige long of iets dergelijks in me zou krijgen. Maar aan de andere kant: als ik dan nog jaren in goede gezondheid kan leven, dan is dat het zeker waard. Moet er nou niet net kortsluiting ontstaan in m’n nieuwe long.

vrijdag 17 oktober 2008

Elektrisch rijden, de toekomst?

Rijden in een auto krijgt een nieuwe dimensie met de intrede van de elektrische auto ‘Climate Cars’ in Rotterdam. Arlon Bonte van de fractie Groen Links wil de Climate Cars zo snel mogelijk in de stad zien rijden. De Climate Cars kunnen worden opgeladen in de Rotterdamse stad bij speciale oplaadstations. Volgens het plan ‘Climate Cars in Rotterdam’ komen er 150 oplaadstations voor de elektrische auto’s. Het plan heeft de bedoeling om 20 procent van de CO2-uitstoot door auto’s die op diesel rijden te gaan verminderen, door een speciale 24-uurservice op te richten waarmee mensen de Climate Cars kunnen huren tegen een laag tarief. Hiermee mogen in de stad kleine ritten worden gemaakt waarbij consumenten alleen het verbruik betalen.
Bron: Metro, woensdag 15 oktober 2008, auteur Jelle van de Kamp, blz. 19

Elektrisch rijden is een hot item wat steeds meer onder de aandacht wordt gebracht. Autofabrikanten zoals Volkswagen, Nissan en General Motors zijn al samenwerkingsverbanden aangegaan met producenten van accu’s, zodat er in 2010 de eerste modellen met plug-in-accu’s op de markt komen. Analist Wolfgang Bernhardt (internationale Adviesbureau Roland Berger) beweerd dat binnen tien jaar 25 procent van het Europese wagenpark elektrisch word aangedreven.
Rijden op Groene stroom wordt waarschijnlijk de toekomst. Ik vind dit op zich een goede ontwikkeling om de CO2 uitstoot terug te dringen. In een aflevering van doctor Who vond ik het een beangstigend idee dat miljoenen vliegende auto’s op verbrandingsmotoren een enorme file vormden in de lucht, waardoor je op straat niet meer in staat was te ademen, omdat je anders zou stikken in de vele uitlaatgassen. Nee, geef mij dan maar liever elektrische auto’s op groene stroom met heel wat gezondere lucht en die gemakkelijk op zijn te laden!

donderdag 16 oktober 2008

Het perfecte kind

Na aanleiding van de les intelligentie en persoonlijkheid heb ik mij wat meer verdiept in deze materie, en dan met name het aangeboren aspect. Als een baby wordt geboren is altijd één van de eerste vragen: Lijkt het op de vader of op de moeder? De baby bestaat namelijk voor 50% uit het DNA van de vader en voor 50% uit het DNA van de moeder. Het is dus altijd de vraag hoe de baby eruit komt te zien: heeft het de ogen van de vader? Of de spontaniteit van de moeder? Niemand weet het van te voren. Maar dat kan in de toekomst gaan veranderen.

Het is namelijk al een tijdje mogelijk om gentechnologie toe te passen op baby’s. Met deze gentechnologie is het mogelijk om te zien of een nog ongeboren kind een erfelijke ziekte met zich meedraagt. Je kan dan alleen de goede genen selecteren zodat je nog niet geboren kind geen erfelijke ziekte met zich gaat meedragen. Vanuit deze basis is het nog slechts een kleine stap om je aanstaande kind helemaal te perfectioneren Je kan dan net zo lang doorselecteren totdat je kinderen krijgt met een hoge intelligentie en een mooi uiterlijk. Dit heeft als voordeel dat je geen extreem domme en/of lelijke kinderen krijgt, maar vooral geen kinderen met een handicap of erfelijke ziekte. Uiteraard zijn er bij deze handelingen wat vraagtekens te zetten. Zo is het allereerst nog maar de vraag of we zitten te wachten op alleen maar slimme en knappe kinderen. Iedereen is dan perfect in één of meerdere dingen. Zo kan je op bestelling een voetballertje fabriceren of een nieuwe Mozart. Ook is het voor sommige mensen ethisch onverantwoord: zij vinden dat er voor een soort ‘’God” wordt gespeeld doordat je zelf gaat spelen met het DNA, en zij vinden dat kinderen goed zijn zoals ze zijn, en dat ze niet zo nodig de nieuwe Mozart of Cruijff moeten worden.

Voor beide kanten is wat te zeggen. Het is natuurlijk heel fijn dat als je drager bent van een erfelijke ziekte, je kan ingrijpen en zo je kind kan uitsluiten van een erfelijke ziekte. Maar het is ook niet goed om alleen maar perfecte kinderen te willen, en dat te gaan bewerkstelligen, en daarmee voor God te spelen.
Dit wordt ongetwijfeld vervolgd, zeker als alle mogelijkheden eenmaal daar zijn.

woensdag 15 oktober 2008

Technologisch, eigenlijk heel logisch!


Vroeger hadden de mensen nog geen mobieltjes. Een semafoon (beter bekend als buzzer), was toen al erg hoog gegrepen. Maar in de loop van de jaren 90 kwamen er mobieltjes uit, mobieltjes voor de normale mens. Met deze zogenoemde ‘koelkasten’ kon je sms’en en bellen. Omdat zo’n grote mobiel aan je broek of in je zak nou eenmaal niet erg lekker zat, werden de mobieltjes steeds kleiner gebouwd. Maar er kwamen wel steeds meer functies op te zitten. Want wie had gedacht ooit te kunnen e-mailen met zijn telefoon?

Het komt er dus op neer dat de mens in de loop der jaren overal en altijd bereikbaar moet en vooral wíl zijn. Kinderen van tegenwoordig kunnen zich het leven zonder mobiel en/of internet en tv niet meer voorstellen. Altijd als ik hier over nadenk bekruipt mij het gevoel dat over een x aantal jaar alle communicatie verloopt via telefoons en pc’s, een erg rare gedachte.

Een voorbeeld hiervan vind ik de I-Phone. De I-Phone ziet er sowieso al erg modern uit en wat kan je er eigenlijk níet mee? De telefoon werkt met een ‘touch-screen’, wat volgens mij echt iets voor de (nabije) toekomst is. Het volgende filmpje schetst mijn beeld van de toekomst wel, je kunt bij wijze van spreken je hersens thuis aan de lading leggen, want je mobiel doet het werk wel voor je..


dinsdag 14 oktober 2008

Beïnvloedt het internet onze cultuur?


Cultuur. Het is zo'n begrip waar vele betekenissen aan gegeven wordt. Voor de één is het iets wat met een bepaalde groep mensen in een land te maken heeft. Maar voor de ander is het een verzamelterm voor kunst, muziek en literatuur. Het wordt vaak door elkaar gehaald. Als we het over de samenleving in Nederland hebben, gaat het over de eerste betekenis. Dus het gedrag van mensen in een land of groep. Je hoort tegenwoordig mensen zeggen dat dié cultuur in Nederland verandert. We zouden een haastige, en zakelijke samenleving worden in Nederland. Vroeger was het beter. En die verandering zou mede door Internet komen.

De laatste tien jaar zijn we steeds meer op het Internet te vinden. We kunnen tegenwoordig bijna alles op Internet. Kon je in de begin jaren van Internet alleen e-mailen en sommige websites bekijken. Tegenwoordig is e-mailen haast al ouderwets geworden. We kunnen nu online 2ehands spullen kopen, bankieren, boodschappen doen, films kijken, blogs schrijven, discussiëren, de krant lezen, studie volgen, en zo kan ik nog wel even doorgaan. Je kan je beter afvragen wat we nog níet kunnen met Internet. Internet wordt steeds belangrijker in het leven van mensen, wat dit bericht onderschrijft. Zo zie je dus dat wij ons er steeds meer mee bezig houden. Dat is duidelijk een ontwikkeling.

Je kunt bijna alles op Internet. Zo kan je op sommige websites speciale normen en waarden creëren, zodat je een eigen cultuur kunt vormen. Grootste voorbeeld daarvan is Geenstijl. Zij hebben een eigen taalgebruik en eigen huisregels. Ze zijn ook heel cynisch en sarcastisch. Dus je ziet op zo'n site een eigen cultuur. Of als we even iets willen weten, tikken we het in op Google, of Wikipedia. En zo kan ik nog tig voorbeelden bedenken. Die invloeden zie je niet alleen op websites, maar bijvoorbeeld ook de ontwikkeling dat door veel msn gebruik, de taal niet goed ontwikkeld wordt. Omdat je zo leert typen, dat je dat bijna automatisch gaat doen. En op een sollicitatie brief komt msn taal 'iig' niet goed over. Maar er zijn ook positieve ontwikkelingen te melden. In 2006 kwam in de Trouw dat Internet goed is voor integratie van allochtonen. Dat kan dus ook.
Een kleine conclusie is wel op zijn plaats. Ik denk dat door Internet wel degelijk wat is veranderd in onze cultuur. Er is een soort extra uitlaatklep bij, met soms een eigen cultuur. Dat kan positief zijn, en ook negatief. En misschien wel het grootste voordeel is dat je zelfs je spaargeld op een Ijslandse bank kan zetten. Wie had dat vroeger ooit gedacht!

Inspiratie voor innovatie


We kenden al de e-mail, we kenden ook al de e-books en sinds 2003 hebben we ook nog de e-cultuur, electronic cultuur, pas recentelijk sterk in opkomst. Vraag de Nederlander wat cultuur is en hij zal dingen opnoemen als musea, kunst en literatuur. Als we het de Van Dale vragen zegt deze: “het geheel van geestelijke verworvenheden van een land”. Hierin staat cultuur lijnrecht tegenover natuur. Cultuur is wat we als samenleving voortbrengen. En als je het zo bekijkt kan je de e-cultuur onmogelijk uit dat rijtje weglaten.

En eindelijk! Dat hebben de musea nu ook door. Op 10 november wordt er een bijeenkomst georganiseerd door Erfgoed Nederland, genaamd: musea en e-cultuur. Deze bijeenkomst is georganiseerd na interviews met museadirecteuren. Natuurlijk, veel musea hebben al wel een internetsite, en sommigen hebben zelfs al een online programma, maar de meeste musea zijn nog wanhopig op zoek naar de goede aanpak voor dit fenomeen.

Erfgoed Nederland probeert met deze bijeenkomst vooral de museadirecteuren meer informatie te geven over de e-cultuur. Wat zijn de voordelen? Wat wordt ervan verwacht? Er wordt veel informatie gegeven over de actuele ontwikkelingen, de beste manier om op de hoogte te blijven en natuurlijk hoe er gebruik van te maken. Kortom: inspiratie voor innovatie!

maandag 13 oktober 2008

Threenagers nieuwe groep dertigers?


De quarterlife crisis is al een tijdje een begrip. Dertigers die twijfelen over hun gemaakte keuzes en daardoor somber worden. Via de site van Mediaonderzoek kwam mij een onderzoek van MTV Networks ten ore: de threenagers. Deze groep maakt zich (nog) helemaal geen zorgen over gemaakte keuzes, simpelweg omdat ze deze niet maken. Threenagers hebben geen zin in een hypotheek, kinderen of het ontwikkelen van een toekomstperspectief.

Volgens MTV kopiëren threenagers tieners op het gebied van kleding, merken en technologie. Maar waarom nou deze nostalgie naar het tienerleven? Tiener zijn is immers echt niet gemakkelijk. Denk maar aan de puberteit. Volgens MTV Networks is deze nostalgie, of verbondenheid, met de jongerencultuur het gevolg van het feit dat ‘de invloed van populaire cultuur door tv en technologie en merken sterk is toegenomen, terwijl mensen wereldwijd langer jong blijven.’ Doordat mensen ouder worden en langer gezond blijven, wordt de jeugd verlengd. Overigens willen threenagers niet op dezelfde manier aangesproken worden als tieners. De marketing zal hier dus op in moeten spelen.

Er wordt gezegd dat threenagers het gelukkigst zijn. Toch vraag ik me op af of dat gelukkig zijn wel op een goede manier gebeurt. Het leven kent nu eenmaal zijn fases. Daarnaast kan ik me niet voorstellen dat je het als werkgever waardeert als je 30-ers personeel zich gedraagt als een groep pubers. Ook is het de vraag in hoeverre het onderzoek betrouwbaar is. Voor MTV Networks, een zender voor jongeren, is de threenager natuurlijk dé manier om dertigers aan zich te binden. Ik wacht rustig af totdat ik de eerste 30-er met skaterbroek en zichtbare Björn Borg onderbroek zie wonen in een klein studentenkamertje. Goh, wat ben je dan gelukkig.

vrijdag 10 oktober 2008

Cultuur digitale musea

Op het Internet zijn vele bijzondere culturele dingen te zien en deze culturele gelegenheden kan je buitenshuis opzoeken. Bijvoorbeeld een musical en dergelijke. Ben je echter opzoek naar cultuur die je digitaal kan beleven dan kun je op website’s van verschillende musea terecht.

Wat mij erg opviel bij de musea is dat nog weinig musea beschikken over goede foto’s van hun objecten waar je duidelijk op kan inzoomen bij maximale vergroting. Soms kan je maar 1 keer vergroten.Dit vind ik erg vreemd. Bij musea zou je toch mogen verwachten dat je de objecten nauwkeurig in detail zou kunnen bekijken online?

Bij de website www.wired.com/culture/art/multimedia/2007/10/gallery_lastsupper staat een detail van het schilderij The Last Supper, hierop kan je niet inzoomen. Je kan wel inzoomen naar eigen inzicht op het schilderij van Gaudenzio Ferrari, Storie della vita di Cristo, Varallo Sesia (Vercelli), Santa Maria delle Grazie, 1513. Op de eerder genoemde website kun je nog een detail zien. Je ziet hierbij dan zelfs de barstjes van de verf in het schilderij. De functie dat je zo ver kunt inzoomen op een foto van een kunstobject zou interessant gegeven zijn voor musea.
Interessant zo’n digitale wereld! Kan je toch ook digitaal genieten van een avondje culturele activiteiten.

donderdag 9 oktober 2008

Multiculturele samenleving

Sinds een jaar of tien wordt voor onze samenleving de term: "multiculturele samenleving" gebruikt. Dit houdt in dat er verschillende bevolkingsgroepen in Nederland wonen met allemaal hun eigen cultuur. Dit verschijnsel is in de jaren zestig begonnen met gastarbeiders, en heeft sindsdien altijd plaatsgevonden met emigranten uit: Marokko, Turkije, Iran, Suriname en nog vele andere landen. Hieronder leest u hoe mensen nou reageren op deze immigranten.

Nederland is dus een echte multiculturele samenleving geworden. Dit tot grote ergernis van sommige mensen. Ook politici als Geert Wilders(PVV) en Rita Verdonk(TON) zijn van mening dat Nederland bevuild wordt met deze kolonisten. Hun angst is dat Nederland een islamitische staat wordt(want veel immigranten zijn moslim) en dat Nederland dus niet meer voor Nederlanders is. Die woorden vinden gretig aftrek bij bepaalde delen van de bevolking(vaak mensen uit achterstandswijken en het platteland), want samen zouden Verdonk en Wilders 24 zetels hebben in het parlement, ter vergelijking: PvdA zou 19 kamerzetels behalen en de VVD 21).

Toch zijn er ook nog genoeg mensen die niet negatief tegenover deze immigranten staan. Zij vinden dat deze mensen hard nodig zijn voor onze economie en vinden ook dat het wel meevalt met de zogenaamde islamisering van Nederland. Voor de economie is de aanwezigheid van deze emigranten zowel voordelig als nadelig. Een groot voordeel is dat deze mensen vaak de slechtst betaalde baantjes uitvoeren die de gewone Nederlander niet wil uitvoeren. Deze mensen houden de economie draaiende. Een nadeel is weer dat de emigrant soms baantjes beoefent, die wel gewild zijn bij de gewone Nederlander, zodat die werkloos wordt/blijft. Er valt dus nog genoeg over te zeggen en de discussie zal zeker blijven voortduren, maar het gegeven is er: We leven in een multiculturele samenleving, of u dat nou leuk vindt of niet!

woensdag 8 oktober 2008

CJP jij ook?


Waarschijnlijk heb je er zelf ook mee te maken gehad, de CJP pas/ CKV korting. Als jij niet tot die gelukkige groep behoort, hier een korte uitleg. Jongeren tot 30 jaar kunnen de CJP pas gebruiken voor korting voor onder andere festivals, musea, bioscoopbezoekjes en de zorgverzekering. Ook worden er van CJP uit workshops en evenementen georganiseerd, om de culturele kant van jongeren te ontwikkelen. Ook bestaat er CKV korting, waar ik zelf mee te maken heb gehad. Van school uit kreeg ik voor het vak CKV 22.50 euro aan bonnen, die ik naar eigen inzicht kon uitgeven aan culturele uitstapjes.

Ik heb zelf dan ook veel gebruikt gemaakt van mijn CKV korting, vooral bij mijn theater en bioscoop bezoekjes. Ik vind dit ook een erg goede manier om de jongeren aan te spreken die weinig tot niets met cultuur hebben. Want korting is voor iedereen interessant natuurlijk..

Ook op internet is genoeg te vinden met betrekking tot CJP. Op de CJP site kun je erg handig zoeken naar evenementen die toegankelijk zijn met de CJP korting. Ook kunnen leden meedoen aan de speciale prijsvragen of wedstrijden. Ik vind dat op deze manier de stap kleiner gemaakt wordt, om iets cultureels te bezoeken. Want het punt blijft dat veel jongeren zich (nog) niet interesseren voor cultuur..

dinsdag 7 oktober 2008

Internet campagne kent geen grenzen


Verkiezingstijd in de Verenigde Staten van Amerika. Barack Obama versus John McCain. En hoe dichter we tot de verkiezingen naderen, des te harder de campagne strijd wordt. Geen uitspraak, geen lettergreep wordt ontzien om de ander zwart te maken. We klagen hier in Nederland wel eens over het populisme in de politiek, en dat het politieke debat harder wordt. Of dat Wilders en Verdonk alleen maar aan kretologie doen. Maar wat we hier meemaken is niks vergeleken met de manier van campagne voeren in de VS en hoe het debat er aan toe gaat.

In de VS voeren ze in deze verkiezingstijd meer dan ooit het zogenaamde split-second-reaction campagne beleid. Iemand zegt iets, en gelijk komt er reactie. Dus de manier van campagne voeren dat elke 'kleine' uitspraak in een debat of speech gelijk uit zijn context wordt gerukt, en een eigen leven gaat leiden. En dat dan vervolgens op Youtube, een weblog, of een wiki wordt gezet. Want internet kent weinig grenzen, en een rel is dus zo geboren. Bijvoorbeeld het gedoe rond de vroegere dominee van Obama. Obama moest zich meerdere malen verantwoorden voor de uitspraken van de dominee. Net zoals alles in het werk werd gezet om iets negatiefs over de running mate van McCain, Sarah Palin, te vinden. De 'zwartmakerij' zie je ook in reclames. Die overigens allemaal op Youtube te zien zijn.

Door internet kun je dus snel je mening kwijt, en kun je je tegenstander zo zwart maken, dat er niets van over blijft. Terwijl het best kan meevallen als je de hele speech, of het hele interview luistert of leest. Door er delen uit te knippen of uit te halen, kan het net lijken dat Obama een heel goed debat heeft gevoerd, terwijl dat ene moment dat erin is gelaten misschien juist zijn enige goede punt was. Of juist andersom. In deze verkiezingsstrijd wordt dan ook niemand gespaard. Daarom moeten beide partijen heel goed op hun woorden letten. Wij in Nederland mogen blij zijn dat de campagne hier nog zo mild is. Anders krijgen we een soort Vanish Oxi Action effect. De inhoud verdwijnt, de rel verschijnt.

Waardeloze wiki

Deze blog is geschreven naar aanleiding van een bijgewoond debat tussen Kay van der Linden (Trots op Nederland) en Hans van Heijningen (SP) over politiek en media.

“De politiek van nu gaat de verkeerde kant op, we hebben een frisse wind nodig! Niet alleen is er vernieuwing nodig van de politieke partijen zelf, maar ook de campagnes moeten anders”, aldus Kay van der Linden, mediastrateeg van Rita Verdonk. Ik geef hem helemaal gelijk, de politiek van nu spreekt niet aan, vooral bij jongeren niet. Maar waar is nu echt behoefte aan? Wat willen de mensen dan? Hoe moeten de campagnes vanaf nu gaan? Kay van der Linden heeft het antwoord. Denkt hij.

In april 2008 werd de wiki van Trots op Nederland gelanceerd. En wat is een wiki? Iedereen kent wikipedia wel. Een wiki is simpelweg een pagina op wikipedia. Wat dus automatisch betekent dat iedereen deze pagina kan aanpassen. Informatie toevoegen maar ook verwijderen. En met iedereen bedoel ik dan ook iedereen. Kort na de lancering bleek dan ook dat een wiki misschien niet het grootste succes zou zijn voor Trots op Nederland. Al na het eerste weekend ging de wiki offline omdat hij vol werd gezet met de grootste onzin. De wiki is wel weer in werking, maar is nu zeer beperkt. Het staat nog wel op wikipedia, maar de meeste dingen kan een gewone bezoeker niet meer bewerken. Wat bij mij toch wel het idee van een wiki weghaalt.

Wat moet de politiek dan wel doen om ons aan te spreken? Heel moeilijk om te zeggen. De een wil vooral duidelijkheid, de ander gaat voor uitstraling en charme, weer een ander gaat voor humor. Ik zou dan toch maar voor humor gaan. Want als ik een campagnefilmpje zie dat me goed bijblijft omdat hij anders is dan de standaard saaie politieke verhaaltjes, dan ga ik uit mezelf wel op zoek naar de politieke standpunten van een partij.

maandag 6 oktober 2008

Speechen zegt altijd nog meer dan internet


Dat speechen een belangrijk onderdeel van de Amerikaanse politieke campagnes is, dat is een feit. Het gaat er dan om hoe je jezelf verkoopt. Volgens het boek ‘Zakelijke Communicatie deel 1’ zal een politicus die ‘goed gebekt’ is meer stemmen trekken, ook al is hij inhoudelijk minder. En speechen is hier de perfecte manier voor. Het is eerlijk en live, waardoor je een goed beeld krijgt van de politicus. Ondanks dat is het internet in opkomst. Maar internet is geen vervanging.

Dat Amerikaanse (en Nederlandse!) politici het nut zijn gaan aanzien van internet was een kwestie van tijd. Obama heeft hierdoor al veel mensen aan zich weten te binden. En, minstens net zo belangrijk, veel geld. Maar dat internet geen vervanging is, wordt wel duidelijk dat de live speeches nog altijd veel mensen trekken. En dat Obama en McCain hier hard op worden afgerekend is duidelijk. Volgens deze site worden speeches op tv nog altijd veel bekeken. Een kijkerspubliek van over de 40 miljoen is geen uitzondering. En ondanks dat Obama na de 11 september herdenking McCain afschilderde als een digibeet, werkt dit voor alsnog niet voordeliger voor Obama. Als McCain al een digibeet zou zijn, dan trekken weinig mensen dat aan. Kijk maar naar de poll na 11 september.

Weetje, eigenlijk is het niet zo heel vreemd dat internet (nog) geen vervanging is. Het blijft toch gaan om de politicus in kwestie. En daar kan internet echt niet tegen op.

vrijdag 3 oktober 2008

Do not bless your mailbox, but clean it! clear it out

Vandaag kwam er een man aan de deur die beweerde dat hij van de energie was. Hij moest in de meterkast zijn en had de energie van leverancier Eneco overgenomen. Dit was natuurlijk niet zo! Maar met dit verhaal probeerde de huis aan huis verkoper van Greenchoice mijn zus bijna over te halen. Mijn zus ondertekende haast een contract waar ze aan vast zou zitten, als ik niet op tijd binnen was gekomen om de verkoper de deur te wijzen!
Als je niet gek wordt gemaakt met steeds maar weer reclame en aanbiedingen in je mailbox, dan wordt het tegenwoordig ook nog aan huis geprobeerd om je maar weer contracten aan te smeren.
In het debat 'God bless your mailbox' van dinsdag 30 september 2008 hoorde ik dat Direct Mail wel twee tot vier procent rendement haalt van elke mail die bijvoorbeeld de Postcodeloterij verstuurd. In totaal zijn er dus twee tot vier procent mensen die daadwerkelijk iets kopen en zullen blijven kopen! Voor dit rendement blijven ze dus mensen lastig vallen met ongewenste Direct Mail. In het debat 'God bless your mailbox' vertelde Kay van der Linden dat de Postcodeloterij achter de emailadressen van deze mensen komt omdat die mensen op een bepaalde internet site hun emailadressen, naam en interesses invullen en versturen.

De laatste tijd wordt ik ook voortdurend lastig gevallen met aanbiedingen en reclame op mijn mailbox. Dit is vooral nadat je een aankoop op een bepaalde site hebt gedaan. Nu kan je daar natuurlijk een blokkade op zetten of het aangeven in je mailbox als spam, maar hoe filter je dan nog de juiste reclame van de ongewenste promotie materialen die je ontvangt? Als je niks meer ontvangt ben je ook niet op de hoogte van nieuwe dingen. Dit is een dilemma! Toch wordt het eens tijd om mijn mailbox grondig schoon te spoelen van ongewenste reclame, spam en dingen waar je niet op zit te wachten.
Natuurlijk kan ik mij ook opgeven bij de website van Stichting Infofilter.
Bij wikipedia kan je dit lezen onder het kopje ergenis van direct marketing.

donderdag 2 oktober 2008

Nieuw is niet altijd beter!


Deze blog is geschreven na aanleiding van een bijgewoond debat tussen: Kay van der Linden(spindoctor van Trots op Nederland) en Hans van Heijningen(SP)over politiek en media.


Bij elke verkiezing is het een vertrouwd beeld. Politici die hun uiterste best doen om maar bij de kiezer op te vallen. JP Balkende gaat rtl boulevard presenteren en Wouter Bos doet mee aan ‘’Live and cooking”. De Radiocommercials vliegen je om de oren met oproepen om te gaan stemmen, en dan vooral op hun partij. En ook op internet komen de meest komische en belachelijke filmpjes langs.

Dat laatstgenoemde medium(internet) is nieuw en groeit razendsnel. Dus je zou mogen verwachten dat internet het grootste en belangrijkst medium gaat worden voor politici om hun boodschap te verspreiden. Dat is echter niet het geval, want volgens Kay van der Linden is het medium wel groot en dus belangrijk, maar het mist één ding: Efficiëntie. Op internet wanen mensen zich anoniem en zeggen dus de verschrikkelijkste dingen op fora van politieke partijen. Internet is gewoonweg niet geschikt om de boodschap te verspreiden, en om inhoudelijk te discussiëren met de achterban. Uiteraard heeft internet ook wel wat voordelen, denk daarbij aan de wiki.

Nee, het medium dat al jarenlang bestaat en het meest doelgericht is blijft: de televisie. Reclamespotjes zijn het effectiefs om campagne mee te voeren, TV debatten scoren hoge kijkcijfers en zijn voor veel mensen reden om te gaan stemmen op diegene die dan het best zichzelf presenteert. De televisie blijft het belangrijkste kanaal om de politieke boodschap door te geven, volgens Kay van der Linden . We kunnen het zelf controleren, want in 2011 is het weer zover!

woensdag 1 oktober 2008

Internet, ja of nee?


God bless your mailbox’. Een lezing / discussie over de politiek in Nederland en de VS met betrekking tot internet. Dinsdag 30 september jongstleden heb ik deze bijgewoond en graag wil ik daar wat over kwijt.

Helaas heb ik vrij weinig met politiek. Maar het feit dat internet aan de politiek gekoppeld werd, was gelukkig een puntje van verlichting. Maar eigenlijk zagen de politici die aan het woord waren, vrij weinig in dé nieuwe media. Met name Kay van der Linden, spin-doctor van Rita Verdonk, vond dat het internet (nog) niet genoeg potentiële stemmers bereikte. Een voorbeeld vond hij ‘Will it Blend?’, een serie youtube filmpjes waarin elke week verschillende voorwerpen in een blender worden gegooid. Dit werd pas een hit nadat het op televisie was verschenen. Ook noemde hij een niet nader te noemen onderzoek, die naar voren bracht dat men nog steeds meer televisie keek dan tijd doorbracht op internet.

Maar vandaag las ik dit stukje op nu.nl. Iets wat ik eigenlijk ook al verwachtte. De jongeren brengen inderdaad meer tijd door op internet en de politiek kan daar op de juiste manier op inspelen. Want menig jongere houdt zich nauwelijks bezig met de politiek en is misschien nog ‘alle’ kanten op te trekken qua politieke voorkeur. Neem bijvoorbeeld de stemwijzers. Ook deze wijzers worden door vele mensen gebruikt, de zogenoemde ‘zwevende kiezers’, omdat er gewoon teveel informatie op ze afkomt,door alle politieke partijen die mensen voor zich willen winnen.

Nee, internet lijkt voor mij toch echt een toonaangevend medium als het om politiek gaat. Ook moet ik toegeven dat Kay positief was over hoe de ‘SP’ zichzelf promoot op internet via verschillende filmpjes. Ik vind de aanpak van de SP in ieder geval erg 'nieuwe media' gericht.